Over de auteur en de Risale-i Nur
NAVIGATION
1. Page
Over de auteur
Said Nursi was een islamitische geleerde geboren in 1877 in het dorp Nurs in het oosten van het huidige Turkije. Al op jonge leeftijd stond Nursi bekend om zijn uitstekende mentale vaardigheden en enorme kennis. Op 14-jarige leeftijd had hij al alle islamitische scholen in Oost-Anatolië afgerond en ongeveer 90 boeken uit het hoofd geleerd. Daardoor kreeg hij veel respect en erkenning van zijn leraren en andere geleerden van zijn tijd, die hem de titel ‘Badi’uz’zaman’ (de unieke van zijn tijd) toekenden.
Tijdens zijn negenjarig verblijf bij de gouverneur van Van, die hem uitnodigde om van zijn kennis te profiteren, studeerde Nursi naast de religie ook wetenschappen als wiskunde, astronomie en filosofie en schreef hij verschillende boeken over deze vakgebieden. Hij wist de regering van het Ottomaanse Rijk te overtuigen van de noodzaak van een internationale universiteit waar religieuze en wereldse wetenschappen gelijktijdig in zouden worden onderwezen. De bouw ervan werd gestart, maar met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog kwam het tot stilstand en werd het niet meer voortgezet.
Na twee en een half jaar krijgsgevangenschap in Rusland, ging Nursi in 1918 naar Istanbul, waar hij werd benoemd tot lid van het hoogste staatsorgaan voor religieuze zaken van het Ottomaanse Rijk, de Daru'l-Ḥikmatu'l-Islamiyya.
Nadat het Ottomaanse Rijk in 1922 was ingestort en hij het niet langer eens kon worden met de nieuwe Turkse regering in Ankara waar het gaat om religieuze zaken, keerde Nursi terug naar Van. Tussen 1925 en het jaar van zijn heengaan in 1960 werd hij op besluit van deze nieuwe regering voortdurend verbannen naar verschillende steden in Turkije en ook gevangengenomen in Eskisehir, Denizli en Afyon. In deze jaren van balling- en gevangenschap kreeg hij gestaag volgelingen die tot op de dag van vandaag zijn visie nastreven, en schreef hij zijn belangrijkste werk: het korancommentaar »De Verhandelingen van het Licht« (Risāle-i Nūr).
In dit werk streeft Nursi, die vanwege zijn sterke toewijding aan de islamitische traditie zeker kan worden omschreven als een traditionalist, een nieuwe benadering na die zijn korancommentaar duidelijk onderscheidt van de klassieke werken:
Waar eerdere geleerden de geloofsprincipes voornamelijk uitlegden met de Korantekst en de soenna van de profeet (صلى الله عليه وسلم) Allah’s vrede en zegeningen zij met hem), bracht Nursi - ook gebaseerd op de hadith en koranverzen – overkoepelende geloofsprincipes samen en legde ze uit met algemeen begrijpelijke en tegelijk solide logische bewijzen en plausibele voorbeelden, om zo vanuit het wereldse het transcendente begrijpelijk te maken. De Verhandelingen van het Licht zijn er dus direct op gericht de lezer een bewustzijn en een overtuiging te geven over de goddelijke voorschriften die verder gaan dan alleen de bewoordingen en zijn daarom geen klassieke taalkundige interpretatie van de Koran, maar een Koraninterpretatie gericht op betekenis en wijsheid.
In zijn werken contrasteert Nursi geloof en ongeloof, aanbidding en ongehoorzaamheid, moraal en immoraliteit, en vergelijkt hun gevolgen en consequenties. Door te laten zien dat geloof, aanbidding en deugdzaam gedrag niet alleen beloningen opleveren in het hiernamaals, maar al grote voordelen hebben voor het individu en de samenleving in dit leven, terwijl goddeloosheid naast de straf in het hiernamaals in dit leven al ellende, ongemak en lijden veroorzaakt, bewijst hij de lezer het volgende: ‘Degene die Allah kent en Hem gehoorzaam is, is gelukkig, al zou hij zich in een cel bevinden. Maar degene die in de vergetelheid is van Allah, is in werkelijkheid gevangen en ongelukkig, al zou hij zich in paleizen bevinden’[1]
2. Page
Het strikt seculiere nieuwe Turkse regime probeerde het lezen en het verspreiden van zijn geschriften te verbieden, maar dit werd al snel opgegeven omdat hij van alle aanklachten werd vrijgesproken. Tegelijkertijd werden de geschriften met de hand gekopieerd door zijn volgelingen en verspreid over het hele land en daarbuiten. In zijn werken en toespraken benadrukte Nursi altijd hoe belangrijk het is om uit de politiek te blijven en dat de sublieme waarheden van de Koran niet mogen worden gebruikt als propagandamiddel in wereldse zaken.
Nursi geloofde dat het voor zichzelf winnen van beschaafde mensen met woorden geschied en niet middels dwang’[2] en beschreef zijn standpunt als volgt: ‘Wij zijn pleitbezorgers van vriendschappelijkheid, voor vijandschap hebben we geen tijd.’[3] Daarmee zorgde hij ervoor dat miljoenen van zijn trouwe volgelingen zich meer dan zeventig jaar afzijdig hielden van politiek en geweld, evenals van racisme en nationalisme, dat hij in de sterkst mogelijke bewoordingen veroordeelde.
Said Nursi nodigde de westerse beschaving uit naargelang het koranvers ‘Zeg: ‘’O mensen van het Boek, kom tot een gelijkluidend uitspraak tussen ons en jullie […]’’[4] dat gelijk is aan de instructie van de Koran. Europa bekeek hij vanuit twee verschillende, gedifferentieerde perspectieven: hij waardeerde de humanistische, beschaafde kant, die met de invloed van de profeet Jezus (vrede zij met hem) profiteerde en grote vorderingen maakte op het gebied van wetenschap en technologie, terwijl hij kritiek uitte op de door de materialistische filosofie geïnspireerde kant dat ongerechtigheid en immoraliteit met zich meebracht.
Zijn poging om de wereld te bewijzen ‘dat de Koran een onuitputtelijke spirituele zon is die nooit uitgaat’ heeft hij gerealiseerd met de talrijke werken die hij heeft geschreven. ‘Mijn motief is niet het verlangen naar het paradijs, noch de angst voor de hel - zolang het geloof van de gemeenschap veilig is, neem ik genoegen met het branden in het hellevuur. Want terwijl mijn lichaam in brand staat, zal mijn gezicht stralen van vreugde.’ Zijn oprechtheid in deze verklaring bewees hij door ermee in te stemmen een 35-jarig hels leven van voortdurende vervolging en bespieding te doorstaan, waarbij hij zelf leed terwijl hij de medemens verlichtte.
Moge Allah tevreden met hem zijn!
[1] Het 13e Woord in Asa-i Musa (Staf van Mozes)
[2] Khutbat ‘usShamiyya (De Damascuspreek)
[3] Idem
[4] Soera āl ‘Imran


